Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK II. De schildklier van den pasgeborene.

Het eigenaardige microscopische beeld, dat het eerste door mij waargenomen kropgezwel vertoonde, was mij aanleiding om een onderzoek in te stellen naar de schildklier van den pasgeborene. Hierbij bleek mij, dat ook het beeld van de normaal groote schildklier van den pasgeborene zoozeer afwijkt van het beeld, zooals wij dit bij den volwassene kennen, dat een eenigszins uitvoerige beschrijving mij volkomen gewettigd toeschijnt, te meer daar het om de verhoudingen te begrijpen, die we bij struma congenita zullen aantreffen, noodzakelijk is, de eigenaardigheden van de schildklier van den pasgeborene te kennen.

De schildklier van den pasgeborene ligt hooger, dan die van den volwassene; vinden we hier den isthmus op de eerste tracheaalringen, terwijl de cartilago cricoïdea geheel vrij is, bij den pasgeborene treffen wij den isthmus constant aan op de cartilago cricoïdea, ja soms zelfs op het lig. crico-thyreoideum, zonder dat er van een vergrooting van de schildklier sprake is. De zijkwabben liggen dicht om het cricoid en thyreoid heen en dringen soms tusschen luchtpijp en slokdarm. We zullen deze beide eigenaardigheden van de ligging van de schildklier van den pasgeborene bij de struma congenita terugvinden.

Het gewicht van de schildklieren van pasgeborenen, die ik onderzocht, bedroeg / a 2 gram. We komen op de

Sluiten