Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uitgestorte bloed slechts zelden percutorisch zijn aan te toonen, omdat het niveau dan niet reikt, tot boven den bekkenrand, terwijl de anaemie herhaaldelijk zoo weinig duidelijk is of zoo laat optreedt (o. a. FRaNKEL *), Forssner2), Veit 3), Hart and Barbour 4), dat de diagnose dan bijna niet te stellen is, zoodat Kelly 5) en Schauta 6) in zulke gevallen raden de proefpunctiespuit, als laatste middel om zekerheid te krijgen, ter hand te nemen.

Theoretisch redeneerend zal bij tubairzwangerschap de tuba, die het ei bevatte, na de bersting wel wat dikker zijn dan een normale tuba of die der andere zijde, maar praktisch zal dit verschil in dikte 5f niet waarneembaar zijn óf ook kunnen worden verklaard door een vroegere adnexitis, die door Hartmann en Bergeret?) bij meer dan de helft der 186 door hen geobserveerde gevallen gevonden werd en door vrijwel alle schrijvers als aetiologisch moment der buitenbaarmoederlijke zwangerschap wordt genoemd. Hierdoor wordt tevens verklaard waarom wegens het constateeren van dubbelzijdig aanwezig zijn van veranderingen der adnexa, zwangerschap niet zonder meer mag worden uitgesloten.

*) FRaNKEL 16 1. c.

3) Forssner m 1. c.

8) Veit. Gynaecologische Diagnostik 1891 1. c.

4) Hart and Barbour 86 1. c.

6) Kelly. Medical Gynaeologie 1908 1. c.

6) Schauta 63 1. c.

7) Hartmann et Bergeret. Quelques remarques a propos de 186 cas consécutifs de grossesse extra-utérine observéé dans les premiers mois. Annales de Gyn. et d'Obst. 1919 no. 6 1. c.

Sluiten