Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geresorbeerd wordt en vervangen door nieuw, dat uit het bindweefsel ontstaat door kalkafzetting, dus door metaplasie. Bij operaties raadt hij aan het periost aanwezig te laten, omdat het de bloedstoevoer zou bevorderen.

Troëll (1919) heeft bij een patiënt met collumfractuur een stuk been uit de tibia volgens Albee ingebracht. Na 213 dagen was hij in staat dit praeparaat te onderzoeken. Hij vond in vier vijfden van het been nog gekleurde kernen. Nergens was nieuwvorming van been te vinden. Een gedeelte van het transplantaat stak buiten den trochanter uit en had dus geen functie. Nu is het bekend, dat been zonder functie geresorbeerd wordt (o.a. J. S. Davis 1917). "Waar nu ook dit deel nog levende cellen bevatte, is dit een bewijs voor het in het leven blijven van het transplantaat. Immers

het is niet aan te nemen, dat dergelijk functieloos been door

*

nieuw zou vervangen worden. Troëll meent de oorzaak van het in leven blijven te moeten zoeken in het nauwkeurig aansluiten van het transplantaat aan het omgevende been. Hij verklaart daarmede m. i. echter niet het bestaan blijven van het uitstekende deel, daar levend been toch ook geresorbeerd wordt als het geen functie heeft en de normale femuromtrek weer wordt hersteld.

Ook Lanz (1917) heeft een dergelijk geval van vermoedelijk levend blijven van een transplantaat geplubiceerd. Bij een aap werd het geheele schedeldak verwijderd en na een kwartier weer op zijn plaats gebracht; bij een tweede proefdier werd hetzelfde gedaan, doch het schedeldak achterste voor ge-' zet. Na een jaar was een volkomen normale schedel aanwezig.

Resumeerende vind.en wij dus:

1°. de oorspronkelijke opvatting van Ollier, dat het overgeplant been in leven blijft en dat periost • en beenmerg osteogenetische weefsels z ij n;

2°. de meening van Axhausen, dat getransplanteerd been afsterft en door het overlevende periost en merg vervangen wordt;

3°. de opvatting van Mac Ewen, datgetrans-

o

Sluiten