Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en urobiline is het dus logisch, dat men in de uitscheiding van de laatstgenoemde stof een graadmeter meende te vinden voor de in het lichaam plaatsgrijpende bloeddestructie. Aangezien geen vaste verhouding aangenomen kan worden tusschen de urobilinogeenuitscheiding met de faeces en die met de urine dienen beide voor quantitatieve bepalingen onderzocht te worden.

Verschillende methoden zijn hiervoor de laatste jaren uitgewerkt.

De in Duitschland gebruikelijke techniek (EPPINGER en CHARNASS '), FLATOW en BrüNELL 2), SALOMON en CHARNASS 3), SCHOLZ 4) bestaat daarin, dat een deel der in het donker bewaarde en vooraf goed gemengde faeces met alcohol of (en) aether wordt uitgetrokken waarna men, al of niet na voorafgaande zuivering van dit extract, het reagens van EHRLICH (zure oplossing van dimethijlparaamidobenzaldehyd in water of aether) toevoegt. Bij aanwezigheid van urobilinogeen ontstaat een roode kleur, die langs colorimetrischen weg vergeleken wordt met een extract van normale faeces of met een standaardoplossing van Bordeauxrood of van phenolphthaleïne. EPPINGER en CHARNASS bepalen de sterkte der oplossing met spectrophotometrische methoden.

In Amerika wordt door onderzoekers van dit vraagstuk veelal van een door WlLBUR en ADDIS 5) aangegeven werkwijze gebruik gemaakt. De met water en zure alcohol geschudde ontlasting wordt daarbij met alcoholische zinkacetaatoplossing uitgetrokken. Aan het filtraat wordt een bepaalde hoeveelheid

') Zeitschr. f. klin. Medizin, Bd. 78, 1913.

2) München. Medizin. Wochenschrift, 1913.

3) D. Medizin. Wochenschrift, 1917.

4) D. Medizin. Wochenschrift, 1919.

§) Archiv. of interna) Medecine, 1914. gecit. v. Krumbhaar, Pearce en Frazier, l.c.

Sluiten