Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

v., 78 jaar, ca raammae: haemogl. 60 °/o> r- bl.1. 4.270000.

totaal rood merg; veel bloed, bijna geen normoblasten.

m., 56 jaar, ca ventriculi: haemogl. 53 °/o< r- bl.1. 3.000000.

vetmerg ; vrijwel geen normoblasten. v., 75 jaar, ca vesicae urinariae: haemogl. 55 %■ r- bl.1. 3.500000 Va van het merg is rood; veel bloed, vrijwel geen normoblasten.

v., 40 jaar, ca ventriculi: haemogl. 40 %• r- bl.1. 3.670000.

2h van het merg is rood; veel normoblasten. m., 60 jaar, ca oesophagi, hepatis et pulmonum: haemogl. 65 %, r. bl.1. 4.550000.

vetmerg, geen normoblasten.

v., 39 jaar, ca uteri: haemogl. 25 %• r- bl.1. 3,500000.

lichtrood merg; tamelijk veel megaloblasten.

Uit deze getallen krijgt men den indruk, dat van een regelmatig voorkomende verandering van het vetmerg in rood, celrijk weefsel — in het femur althans — zooals men bij andere vormen van anaemie dikwijls kan waarnemen, geen sprake is. Op het uitblijven dezer verandering laat waarschijnlijk ook de leeftijd zijn invloed gelden; het is immers bekend, hoe bij oude menschen het grootste gedeelte der medulla ossium in vetmerg is veranderd.

LlTTEN en ORTH1) en GROHÉ2) hebben indertijd andere resultaten gepubliceerd, waarin van een vrij geregeld voorkomen van rood merg bij marantische toestanden als phthisis en carcinoom werd gesproken. Nauwkeurig microscopisch onderzoek is evenwel niet door hen verricht, zoodat terughoudendheid bij de beoordeeling van hun gegevens noodig

') Berlin. klinische Wochenschrift, 1877. 2) Berlin. klinische Wochenschrift, 1884.

Sluiten