Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kregen, die nog slechts in geringe mate aan de kliniek zijn getoetst, heeft het mij van belang geschenen, deze methode in mijn onderzoek te betrekken. Te meer was dit het geval door de volgende door BARCROFT ') vermelde waarnemingen. Bij ratten, bij wie door enting sarcomen waren aangebracht, kon hij een sterk O-verbruik constateeren. Was de eerste indruk geweest, dat de graad van deze „Zehrung" afhing van de grootte van den tumor, bij nauwkeuriger onderzoek bleek zij ongeveer evenredig aan de sterkte der bloedarmoede te zijn. De volgende cijfers maken dit duidelijk:

Haemoglobinegehalte Per<*ntage van O-verzadiging

na J/4 uur incubatie bij 37°.

Rat 1. 75% 85

2. 60 % 89

3. 38 % 49

4. 24 % 0

5- 47 % 64

6. 78 % 84

7. 77 % 80

8. 38 % 66

Bij zeer verschillende gevallen van anaemie is nu door mij het O.-verbruik der erythrocyten onderzocht, zoodat een vergelijking van de anaemie bij het carcinoom met die, door andere oorzaken ontstaan, mogelijk werd.

De volgende techniek is daarbij toegepast:

Met een spuit wordt bloed uit de armvene verkregen en in een steriele kolf met glasparels voorzichtig geschud. Nadat het fibrine zich heeft gevormd, wordt door gaas gefiltreerd en worden de roode bloedlichaampjes eenige keeren gecentrifugeerd en met physiologische zoutoplossing gewasschen. Een geconcentreerde emulsie van erythrocyten wordt ten

V Respiratory Fur.ction of the Blood, 1914.

Sluiten