Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lukte het een korreltje aarde te verschaffen, dat de haas tot een eiland wist te maken. Zoo ontstond de aarde, die eerst met dieren bevolkt was. Toen echter eenige van hen stierven, veranderde de groote haas hun lijken in de eerste menschen. Naar een andere lezing bracht hijzelf deze menschen voort door paring met de muskusrat. De haas leerde de menschen booten bouwen, vogels schieten en het gebruik van het vuur. x)

Toch is het zeldzaam, dat men een dier zulk een groote en alomvattende rol toekent in het een of ander godsdienststelsel. Weinig dieren werden als hoofdgoden of met uitsluiting van andere godheden vereerd. De dier-aanbidders beschouwden hen meer als geheiligden of beschermende goden van een of ander gebied dan als wereldvormers en absolute wereldbestuurders.

Op verschillende wijze zal de mensch er toe gekomen zijn het dier te aanbidden en te dienen. Wanneer dieren aan natuurkrachten herinnerden of hun optreden gepaard ging met kosmische verschijnselen, was hun kans in de heilige orde te worden opgenomen niet gering. Onze primitieve voorouders en broeders ontwaren in dieren dezelfde gelijkenis met menschen of verschijnselen, dezelfde hoofdeigenschappen, die wij nog in hen waarnemen. Maar voor hen gold gelijkenis als werkelijkheid, overeenkomst als eenheid. Terecht merkt men op, dat bij deze primitieven godsdienst en wetenschap, uiterlijke verschijning en wezen één zijn. De arend, die naar de hoogste hoogten vliegt, en de haan, die de dageraad aankondigt, zijn heilige dieren, zonnedieren, ja zelf goden van licht

*) Julius Hart: „Tierkultus und Tierfabel", in „Der Mensch und die Erde", I.

Sluiten