Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aanvang van dit hoofdstuk schreef, dat zij op zoek waren naar de ziel der dieren, merken wij meestal een anti-romantisch streven op. Zeker trekken zij te velde tegen hen, die het bestaan der dierenziel ontkennen, maar meer nog verwerpen zij het verromantiseeren der dierenziel. Dierenminnaars als ze zijn, willen zij in 't geheel niet vereenzelvigd worden met sentimenteele honden- en kattenvertroetelaars. Charles Derenne, die in 1930 stierf, één der interessantste letterkundige dierbeschrijvers, al is zijn streven belangwekkender dan zijn boeken in letterkundigen zin mooi zijn, vangt zijn werk over katten, papegaaien en boomkikvorschen ,,Émile et les autres" aldus aan: ,,Ik ontvang herhaaldelijk brieven, die beginnen met: ,, U, die zooveel van dieren houdt".... Zelden antwoord ik er op, want dan zou ik niets anders meer kunnen doen dan dat. Maar ook verraden ze, acht op de tien keer, een vreemd wanbegrip van het doel, dat me voorstaat, wanneer ik kleine natuurstudies uitgeef, zooals: ,,Vie de grillon" (Krekel's leven) of ,,La chauve-souris" (De vleermuis). Laat ik het duidelijk zeggen — ik wil eens cynisch zijn —: Ik houd van dieren op een geïnteresseerde manier, om de vreugde, die mij de observaties en proeven verschaffen, waartoe ze me in staat stellen, als gelegenheidsgeleerde, als egoïst dus, en niet, in ieder geval niet op dezelfde wijze, als de meeste leden der Dierenbescherming dit doen.... Zeker, ik juich met warmte deze vereeniging toe en ook de Gramniont-wet; ik zou graag den koetsier, die onder invloed van een borrel zijn paard mishandelt, worgen, en ook den ruwen slager, die vivisectie uitoefent onder voorwendsel van wetenschappelijke inspiratie, maar..." En nu pakt Derenne uit

Sluiten