Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat we ons leven aan jou te danken hebben — Bagheera en ik."

,,Dat beteekent niemendal. Praat er maar niet meer over. Waar is het Menschje?"

,,Hier in een val; ik kan er niet uit", riep Mowgli. De welving van den kapotten koepel was boven zijn hoofd.

„Haal hem er uit. Hij danst als Mor, de Pauw. Hij zal onze jongen nog verpletteren", zeiden de Cobra's.

,,Ha!" riep Kaa, grinnikend, „hij heeft overal vrienden, dat Menschje. Ga wat achteruit, Mannetje, en jelui, daar binnen, kruipt goed weg, Vergiftvolk, want ik zal den muur stuk slaan."

Kaa zocht zorgvuldig, tot hij een verweerden scheur in het marmer vond, die er op wees, dat hier een zwakke plek was. Hij gaf er een paar lichte tikjes met zijn kop tegen, om den afstand te meten en richtte toen twee meter van zijn lichaam van den grond; vijf, zesmaal hamerde hij met zijn kop, de neus vooruit, tegen het marmer, toen brak het lofwerk en viel naar binnen in het paviljoen, een dichte stofwolk opjagend.

Mowgli sprong door de opening naar buiten en stelde zich tusschen Baloe en Bagheera, een zijner armen om ieders dikken nek.

„Ben je gewond?" vroeg Baloe, hem zachtjes liefkozend.

„Ik voel pijn, heb honger en zit vol builen en schrammen; maar, o! wat hebben ze jelui toegetakeld, Broeders! Je bloedt."

„Anderen ook", zei Bagheera, zich de lippen likkend en kijkend naar de apenlijken op het terras en rondom het reservoir.

„Alles is goed, alles is goed, als jij maar veilig

Sluiten