Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werkelijk verhaaltje gemaakt werd: de herder als getuige, de Zigeuners, die het leven der egels tot afsluiting brengen.

Otto Alscher brengt spanning en loop in zijn verhaal „De sterke" door twee hanen in paar-nijd tegenover elkaar te stellen. Voor ons menschen is het een van de tragische noodzakelijkheden van het dierenleven, dat de mannen om de liefde van het wijfje elkaar moeten bevechten, waardoor de overwonnene een derver en uitgestootene worden kan. De weg dien het jonge mannetje heeft te gaan, tot hij zich met de volwassenen en ervarenen meten kan en eindelijk zijn reeds lang bestaande puberteit bevredigen, is een vaak terugkomend motief in de dierenliteratuur. Meestal brengt de schrijver ons tot op dat oogenblik, waarop, door het noodlot gedwongen, het oude sterke mannetje het moet afleggen tegen het nu volwassen, nog levensfrissche jonge exemplaar. Alscher schetst hier echter een episode, waarin de oude nog zegeviert. Niet het dierlijk noodlot moet ons treffen, maar het dierlijk aanpassingsvermogen. Want de jonge haan weet door slimheid een hen te verschalken, waarop hij nog niet volgens de oorlogswet recht heeft.

Roberts wekt in zijn verhaal onze spijt over het steeds meer verdwijnen der groote in het wild levende zoogdieren. De heroïek van deze machtige instinctieven, van de te gronde gaande kudde-dieren, de heldhaftigheid van de nederlaag wordt geflankeerd door het heldendom der individueele overwinning. Eén dier wordt door den schrijver van de massa afgezonderd, strenger, sterker, schranderder dan de overigen. Het is de bison-leider, de stier, die een eigen naam moet hebben, zooals het Amenkaansche verhaal, wellicht onder den invloed van

Sluiten