Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heid trok hij nader, steeds ronddraaiend en al wat op de vlakte was meevoerend in zijn vaart.

Bruine Stier, wiens kudde op dit oogenblik vooraan was, bleef eenige seconden onbewegelijk staan, tot hij precies wist in welke richting de draaiende zuil zich bewoog. Toen rende hij met een woest geloei vooruit, schijnbaar alsof hij het naderende onheil tegemoet wou snellen. Zijn kudde draafde vlak achter hem aan, zich blindelings onderwerpend aan zijn leiding en de heele troep volgde, dol van angst.

Na twee of drie minuten was de heele hemel boven ze verduisterd. Een angstaanjagend gebrom, als van myriaden reusachtige telegraafdraden, werd overstemd door het gedonder der galoppeerende hoeven. Het gebrom verhief zich tot een vreeselijk, vescheurend gegil, en de draaiende zuil streek over de rivier en veegde die onder het voorbijgaan schoon tot de bedding open en droog lag. De kudde van Bruinen Stier voelde een wee-makende leegte in hun longen en toen een wind, die ze schier onderstboven wierp; hun knieën zakten bijna onder ze ineen van angst. Maar hun leider had zijn vlucht goed berekend en zij waren al een eind voorbij het onafwendbare noodlot. De cycloon overviel het laatste gedeelte van den troep van op zij, slingerde de dieren de lucht in alsof het niet meer dan bruine bladeren waren en strooide hun verminkte overblijfselen over de vlakte in zijn onweerstaanbaren galop. Dadelijk daarop verhelderde de lucht. Er was geen wind meer, maar kille, hijgende stooten. Het gillen van den cycloon stierf weg en het kabbelen van de rivier over zijn rotsen en banken werd weef hoorbaar. Meer dan een derde deel der kudde was als van de aarde weggevaagd. De overlevenden her-

Sluiten