Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bonnefooi" uitgaan, grazend zoo goed en zoo kwaad als zij kon; op goed geluk haar voedsel zoeken langs de wegen en weggetjes, van de afgegraasde en schaarsche grasveldjes van de gemeene wei, die evenveel van openbaren weg had als van weidegrond. In zulke dagen van gebrek hadden Pinin en Rosa haar naar de beste heuveltjes gevoerd, naar de rustigste en minst afgegraasde plekken, en hadden haar de duizend onaangenaamheden bespaard, waaraan arme koebeesten blootgesteld zijn, die hun voedsel zoo maar langs den weg moeten zoeken.

In de dagen van honger, in de stal, wanneer het hooi schaarsch was en het maisriet, om er het warme bed van de koe te spreiden eveneens ontbrak, was Cordera Rosa en Pinin dank verschuldigd voor duizenderlei listen, die haar ellende dragelijker maakten. En wat te zeggen van de heldhaftige tijden van het kalven en het zoogen, als de onvermijdelijke belangenstrijd ontstond tusschen de voeding en het onthaal van het jong, en de Chintos, wier belang het was uit de uiers van de arme moeder alle melk te trekken, die niet absoluut noodzakelijk was, voor het voortbestaan van het kalf! Bij zulk een conflict hadden Rosa en Pinin steeds aan de zijde van Cordera gestaan, en zoodra er maar kans toe was, hadden ze stilletjes het jonge kalf losgelaten, dat alsof het blind en verdwaasd ware, overal met zijn kop tegen aan stootend, de beschutting van de moeder ging opzoeken, die het dan onder haar buik verborg, terwijl ze haar kop dankbaar en gewillig omdraaide, op haar manier zeggende: „Laat de kinderen en de kalfjes tot mij komen!"

Zulke herinneringen, die banden vergeet men niet.

Sluiten