Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Cordera, die met tegenzin meeging met een onbekende en nog wel op zoo'n uur. Tenslotte moesten ze scheiden. Antón slecht gehumeurd, schreeuwde vanuit zijn huis:

,,Kom nou, kinderen, hier, zeg ik jullie; nou hebben jullie genoeg gelamenteerd!" Zoo riep van verre de vader met tranen in zijn stem.

De avond viel; op het donkere weggetje, bijna zwart door de hooge heggen, die een gewelf vormden, verloor zich de gedaante van Cordera, die van verre wel zwart leek. Daarna bleef van haar slechts het rustige geklingklang van het klokje, door den afstand vervaagd onder het droevig gesjirp van een leger krekels.

,,Adios Cordera!" schreeuwde Rosa, moe en mat van het huilen. „Dag, mijn lieve Cordera!"

„Adios Cordera!" herhaalde Pinin, die niet veel kalmer was.

„Adios!" antwoordde tenslotte op zijn wijze het klokje, terwijl zijn droef berustend geklaag verloren ging onder de andere geluiden van den Juliavond in het dorp....

Den volgenden dag, heel vroeg al, op het gewone uur, gingen Pinin en Rosa naar de SomonteWei. Die eenzaamheid was voor hen nooit droevig geweest; dien dag scheen de Somonte, zonder Cordera, wel een woestijn.

Eensklaps floot de locomotief. De rook verscheen en toen de trein. In een gesloten beestenwagen, door wat hooge smalle raampjes of luchtgaten, zagen de tweelingen flauwtjes koeienkoppen, die er verbaasd doorheen keken.

„Adios Cordera!" riep Rosa, die daar haar vriendin, de grootmoederkoe, ried.

„Adios Cordera!" schreeuwde Pinin met het-

Sluiten