Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den, heel het bekende, lieve kleine vaderland groetend, dat zij achterlieten om te gaan sterven in den broederstrijd van het groote vaderland, in dienst van een koning en van ideeën, die ze niet kenden.

Pinin, met zijn halve lichaam uit het raampje, strekte zijn armen naar zijn zuster uit; bijna raakten zij elkaar aan. En Rosa kon door het gedaver der wielen en het geschreeuw van de recruten duidelijk de stem van haar broer onderscheiden, die snikte, terwijl hij als geïnspireerd door een herinnering aan een verre smart, uitriep:

„Adios Rosa! Adios Cordera!"

„Adios Pinin, Adios mijn lieve Pinin!"

„Daar ging hij, net als de andere, als grootmoeder koe. Die nam de wereld. Rundvleesch voor de gulzigaards, voor de rijke Amerikanen; en vleesch uit haar hart, kanonnenvleesch voor de dwaasheden van de wereld, voor de eerzucht van anderen."

Verward door smart en gedachten, peinsde zoo de arme zuster, terwijl ze den trein zag verdwijnen in de verte, droevig fluitend, met een gefluit, dat weerkaatst werd door de kastanjes, de vruchtbare dalen en de rotspunten....

Wat bleef ze alleen! Nu was de Somonte-wei eerst recht een woestijn.

„Adios Pinin! Adios Cordera!"

Met welk een haat keek Rosa naar den spoorweg, met haar vlekken van gedoofde kolen; met welk een woede naar de telegraafdraden.

O, Cordera had gelijk gehad met er niet dichtbij te willen komen. Dat was de wereld, het onbekende, dat alles meenam. En onwillekeurig leunde Rosa met haar hoofd tegen den paal, die daar als een banier op het hoogste punt van de Somontewei geplant stond. De wind zong haar metalen lied

Sluiten