Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij in het diepst zijner ziel, die de menschen „instinct" noemen, de kenmerken van zijn ras mee.

Toen Poupah dan zoo verlaten achterbleef, zocht hij een anderen baas, maar vond er geen. Wel kwam hij enkele menschen tegen, die zoo goed waren, zich een oogenblik te vermaken met zijn linksche bewegingen en hem beloonden met een stukje oudbakken brood of wat suiker. Maar spelen met Poupah of Poupah in den kost hebben, dat is een groot onderscheid. Men wilde zich wel met hem amuseeren, maar niemand begeerde hem als gast te hebben, laat staan als lid der familie.

De zwarten droegen hem een kwaad hart toe vanwege hun verwoest bouwland en hun hutten, die door zijn bloedverwanten in een bevlieging van woede of als gevolg van een gril omvergeworpen waren; als zij notitie van hem namen, was het alleen om het gewicht van zijn nog malsch vleesch te schatten, zonder dat zij het intusschen waagden een vinger uit te steken naar een pupil der Regeering.

En de blanken durfden geen nieuwen post bij hun uitgaven te boeken en heimelijk waren ze ook van meening dat een beest uit de wildernis zich wel zelf weet te redden en aan voedsel weet te komen.

De toegang tot de omheinde ruimte der Administratie stond altijd open voor Poupah, die er naar believen uit kon loopen of er binnengaan. Hij kon zelfs open naar den kant van het woud, dat zich in zijn geweldige afmetingen somber afteekende onder den grijsblauwen hemel, tot heel ver voorbij de velden met gierst en broodvruchen, tot ver voorbij de buitenwijken van de stad met hun stroobedekte hutten.

Sluiten