Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

'T VRIMDE SPUL.

't Was vandaag de beurt van Jefke. — Aan 't eene einde van de groote, vierkante tafel zat Margriet al achter 't blad, met het koffiegerei en aan 't andere einde stonden, parmantig, de zwarte en witte houten poppetjes tegenover elkaar, als twee rijen soldaatjes. Rechts van 't schaakbord, waar de groote rieten stoel voorSteven stond, lag een lange, bruingerookte goudsche pijp en links, naast het gebarsten tabakspotje van Jefke, de korte Duitsche, waar, in bonte kleuren, een kasteel op een hooge rots was opgeschilderd.

Jefke zat met opgetrokken beenen en uitgespreide vingers bij de fornuiskachel en luisterde naar den herfstwind, die met rukvlagen langs het venster joeg en den regen, die zonder ophouden neerratelde op de pannen.

Gedurig gingen zijn oogen zenuwachtig naar 't koekoekklokje, maar 't was nog steeds geen zeven uur en de slinger ging traag zijn heen- en weergang

en haastte zich niet.

't Was nu nog drie minuten en Jefke scharrelde zijn

sloffen aan de voeten.

103

Sluiten