Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

's avonds laat zonnen ze er over, om ze te gebruiken voor alle mogelijke doeleinden,

's Zondags, wanneer Hent met afgezakte schouders voor het kerkorgel zat en de stijve vingers langzaam over de toetsen liet kruipen, dan zag hij daar niet, zooals de andere kerels, die met gapenden mond en domme gezichten achter hem zaten te kijken, alleen maar blinkende pijpen met gaatjes en zwarte en witte staafjes, maar dan gingen zijn oogen daar overal dwars doorheen en hij zag er den heelen bouw van het houtwerk en volgde den wind, zooals die door de pijpen stroomde en 't lag er alles duidelijk en goed-begrepen voor zijn blik, alsof hij het in de werkplaats had staan en het stuk voor stuk in elkaar zette.

Daarachter, in 't halfdonker, perste Heintje met langzame trappen de lucht in den balg en 't was hem of daar een hardnekkig, klein duiveltje in zat, dat hij telkens den kop naar beneden drukte en dat steeds weer, onvermoeid zich oprichtte; en dan peinsde hij erover, of hij hem niet zou kunnen gebruiken voor 't wekkerbed, of voor een van de andere uitvindingen.

En zoo was 't overal mee en ze zagen van elkaar onder de gefronste wenkbrauwen het diepe vorschen en speuren in het binnenste der dingen, maar ze hielden het vastversloten achter de samengeklemde lippen en repten er geen van beiden een woord van. — Maar nu in den laatsten tijd liep Hent blijkbaar onrustig met iets rond, dat hij wilde zeggen, maar dat er niet uit wilde.

's Morgens onder het werk keerde hij zich soms

Sluiten