Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

later tot god verheven, van Rhea Kybele, wier dienst zooals hierboven reeds werd gezegd, eveneens uit Klein-Azië afkomstig is. Eigenaardig is ook dat de opperpriester van Rhea, de Archigallus, volgens de inscripties van Sivrihissar geregeld Atys heette. De elegieëndichter Hermesianax verhaalt dat Attis de zoon van den Phrygièr Kalaos was, dat hij naar Lydië ging, en daar den dienst der Magna Mater (Rhea) invoerde. Daarom werd hij door de Lydiërs zóó hoog geëerd, dat Zeus uit nijd een ever in het land zond die Attis doodde. (Een dergelijk geval vinden we in de Syrische Adonis-sage). Attis, Adonis, (volgens sommigen identiek, omdat de naam van den eerste waarschijnlijk oorspronkelijk Atins was) Hyakinthos, Linos, Narkissos zijn allen jonggestorvene heroën, en zijn terug te voeren tot natuurgebeurtenissen. Zoo is Rhea dc personificatie van de aarde, de Phrygisch-Lydische natuurgodin; Attis verbeeldt dan den bloesemtooi in de lente, en wel die bloesems die afvallen of verwelken voordat ze vrucht hebben gedragen. Een andere verklaring luidt: de liefde van Kybele voor Attis beteekent de liefde der aarde voor haar vruchten; zijn ontmanning (die hij aan zichzelf beging als straf voor zijn liefde tot de nymph Sagaritis, waardoor hij zijn gelofte van kuischheid brak) het afsnijden der vruchten, zijn dood het wegbergen daarvan, zijn herleving het weder uitstrooien van het zaad.

Hoe het zij, er blijkt dat verschillende gegevens der mythen van Adrastos en Attis hebben meegewerkt tot de voorstelling van het Lydische koningsverhaal bij Herodotos, op wiens proza ik me in mijn gedicht heb gebaseerd.

Omtrent mijn voorstelling een enkel woord. Het Herodotos-verhaal is in hoofdzaak gevolgd; maar sommige gedeelten zijn verkort, andere meer uitgewerkt. Als voorbeelden van het laatste noem ik de natuurschildering en de beschrijving van de jacht.

Sluiten