Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1

6 Mei.

Niet altijd golft de Levensstroom Zacht kabbelend, rustig voort,

Gelijk een schoone Zomerdroom, Door wee noch smart verstoord.

7 Mei.

Zonnestraal en bloemengeuren, Merkt die op waar gij ze ziet;

Mint der Schepping bonte kleuren, Luistert naar der vooglen lied,

Heel de schepping roept u aan

In haar Tempel op te gaan.

8 Mei.

Kind, arm kind! al dekt het satijn

uwe leden.

Armer zijt gij dan de zoon van

den daglooner,

Die aan moeders schoot leeren mocht Dat er een God is. en — een toekomst — En het Leven een gave is Om wèl te leeren gebruiken.

Sluiten