Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wij bevonden ons ten huize van den chef van den geneeskundigen dienst in de veste; aan de theetafel gezeten in den tuin eener woning aan het Kanaal, maakte natuurlijk de politieke toestand het onderwerp van gesprek uit.

Onze gastheer, de majoor W., had zijn voet verstuikt en kon zich moeilijk bewegen; het gevoelig lichaamsdeel lag op een lagen stoel; nu en dan trok hij een pijnlijk gezicht.

In Brabant was men, zooals zich genoegzaam verklaren laat, b ranschgezind; ook de heer W. kwam er gul voor uit, dat hij den zoo gemakkelijk zich bewegen den, wellevenden Franschman in alle deelen het beste wenschte; ik daarentegen had meer sympathie voor den stoeren, degelijken Duitscher.

„Ze zullen zich wel eens tweemaal bedenken, voordat zij de Gramont tot het uiterste brengen!" meende hij.

„Nu maar, zijn Pruisische ambtgenoot is ook geen poes om zonder handschoenen aan te vatten!"

„Ze zijn Jena, Auerstadt, Eylau en Friedland nog niet vergeten."

„Maar evenmin Leipzig!"

„ Toen had men de geallieerden tegenover en de Beresina achter zich; waar alleen Pruisen tegenover Franschen streden, heeft de mof het afgelegd. Tegen het élan der Fransche troepen is de Pruis niet bestand!"

„Jawel, maar het élan van vroeger heeft gaandeweg plaats gemaakt voor berekening; wetenschap vervangt voor een groot deel blinden moed."

„Nu, laat ons ten minste erkennen, dat het Fransche

!• 8

Sluiten