Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

reeds geopend werd; „om tien uur morgen ochtend. Laat het dan een gelukkig uur voor ons zijn."

Daar naderde het nu reeds met rasse schreden en altijd, in plaats van haar toe te lachen, zag zij het met schrik tegemoet. O, dat zij niemand had, om haar te raden! Oom? Hij meende het goed, maar zijne woorden klonken zoo koud, zij gingen zoo weinig tot haar hart. Als eene vrouw haar eene verbintenis met Willem zou afraden, zou ze er zeker ook tegelijk een paar troostende woorden bijvoegen. Ze zou den raad dan misschien gemakkelijker kunnen opvolgen. Nu, hoewel zij de juistheid van oom's zienswijze inzag, sloop er zoo'n gevoel van verlatenheid in haar hart. Oom sprak zoo kort en bij de minste tegenwerping was hij terstond gereed met zijn: „dan moet je 't zelf ook weten, lieve kind."

Maar dat was toch allemaal erg zwak van haar, dacht ze verder. Beter kunnen berusten, als ze er maar een beetje bij beklaagd en vertroeteld werd. Neen, dat was nu heel en al niet voor haar. Ze zou llink zijn} deelde ze oom's denkwijze, dan zou ze er ook naar handelen en er de gevolgen van dragen. Jammer, dat ze gisteren zoo zwak was geweest. Ze deed er Willem en zichzelf noodeloos verdriet door. Daar zou ze hem vergeving voor vragen en dan moedig voor altijd van hem scheiden. En tegelijk met het voornemen voelde ze de snijdende pijn van zulk eene treurige ontmoeting, van de

troostelooze scheiding.

„O moeder, moeder," snikte ze en dan, juist door de gedachte aan de dierbare doode, voelde ze met nieuwe kracht alles, wat haar van Willem scheidde.

Troosteloos viel ze in een stoel neer bij het venster.

Sluiten