Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

duidelijk aan, dat Jamba op Duitschen grond was verwond geworden, dat hij kruipende door het onderhout een eind over de grenzen was gekomen, waar hij veilig was voor de Duitsche beambten, maar dat hem daar zijn krachten hadden begeven. Twee zakjes koffie werden bij de plek teruggevonden.

In den namiddag begon de zieke te gloeien. Hij werd koortsig, en zijn toestand verergerde zoo sterk, dat de pastoor werd gewaarschuwd om hem de laatste Heilige Sacramenten toe te dienen, of zooals het daar heet: „ten volle te bedeenen."

In kerkelijk gewaad, de Heilige Ouwel in een gouden montrans voor zich uit dragende, voorafgegaan door den koster met brandende lantaarn en schel, verlaat de priester het kleine kerkgebouw.

In de dorpsstraat komen de bewoners allen naar buiten, en de voorbijganger gaat ter zijde. Alles knielt en bidt een kort gebed voor de zielerust van hem, die hier voor de groote reis wordt toegerust.

Bij het binnentreden van den priester in het huis, ligt de geheele familie geknield in het voorvertrek, terwijl oom Lorins blootshoofds de voordeur en die van

het slaapvertrek opent.

Hij zou deze ceremonie voor zich zelf niet wenschen, dat weet hij wel, maar hij weet ook dat zijn broer er om zou vragen wanneer hij niet te zwak was, en eveneens dat vrouw en kinderen levenslang zouden treuren indien de dood hun man en vader onvoorbereid zou wegnemen.

Terwijl binnen de priester zijn werk verricht, liggen koster en huisgenooten te bidden.

Sluiten