Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het verging den notaris als de kinderen op de „leering". Hij werd als gebiologeerd door de wondere toovermacht van het diep en rustig oogenpaar, dat op het zijne gevestigd was. De storm in zijn binnenste ging liggen. Toch stamelde hij iets van „soepkokerij" en „uitdragerij."

„Inderdaad schoonpapa, ik begin ook te vreezen, dat de plichten die ik jegens de armen mijner gemeente te vervullen heb, mijn inkomen te boven gaan. Ik heb er al met Eliza over gesproken, niet waar vrouwtje? Doch ik weet goeden raad. Ik zal van nu af aan de helft mijner klantjes aan u overdoen. Veel handen maken licht werk. Als ge wilt gaan zitten, zal ik u dadelijk een lijstje opmaken

Was het Ds. Eelaerts bedoeling geweest den notaris de deur uit te jagen, zoo had hij geen geschikter middel kunnen vinden. Onder het mompelen van uitdrukkingen als... . „het eindje zal den last dragen" .... „wasch mijn handen in onschuld" .... „er zal een tijd komen"... . verdween de heer Heiboer met het stellig voornemen vooreerst niet terug te komen. Na zijn vertrek had er echter een verklaring plaats van de zijde van Mevr. Eelaerts, die den goeden dominee voor het eerst van zijn leven in geldelijke beslommeringen bracht, en den eersten rimpel groefde in zijn schoon voorhoofd. Hij beloofde beterschap. Maar het schijnt dat met goede voornemens niet alleen de weg ter helle, maar ook die naar den hemel geplaveid is. Althans de beraamde bezuiniging trof meer het huiselijk budget, dan dat van t armwezen.

Aan de geldzorgen paarden zich weldra andere, die nog pijnlijker waren. Notaris Heiboer was namelijk niet

Sluiten