Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De ziele vindt zich zeiven.

Toen ik des werelds heul verloor,

heb ik mij zelf in een Woestijn gevonden;

daar deed zich 't ijslijk Monster voor,

te zaam gezet van gruuw'len' en van zonden.

Nu zien wij 't hoog en diep verschil,

en hoe wij zijn het tegendeel des Heeren;

wij vinden vleesch en eigen wil,

die tegen God en zijnen wil begeeren.

Wij vinden Duivel, Hel en Dood, *)

en alles wat afgrijslijk is voor Gode.

Wat raad in deze hoogste nood?

Wij vinden 't zóó: Indien ons God niet noodde en trok, wij dorsten nimmermeer

van schaamte voor zijn heilig aanschijn komen.

O wee! o ach! mijn God, mijn Heer!

Wat heeft de plaats des herten ingenomen!

De Oude Mensch, dat booze kind,

door 't regiment 2) der Sterren 3) voortgedreven,

is met den Duivel hoog bevrind;

dat zij er twee, die passen 4) op mijn leven. Ach Slangentreder, staat mij bij!

Ik, arme Ziel, ik strijde voor uw eere;

ik voor mijn God en God voor mij;

zoo zullen wij den vijand nog braveeren.

Goddelijk antwoord.

Al waren uwe zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw. Jesaja I : 18.

Komt herwaarts tot mij, allen die vermoeid en belast zijt en ik zal u rust geven. Matth. XI : 28.

!) Zie 't driekoppig monster; op de rechterschouder de hel, met vuur in de hand, links de doodskop met de zeis, in 't midden het vette hoofd met ezelsooren (t dierlijke lichaam) en de ster en staart des duivels.

s) heerschappij.

3) van Lucifer, den Geest der Sterren.

4) loeren.

Sluiten