Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op het XXXVII. Zinnebeeld.

Van de verzegeling des herten.

Zet mij als een zegel op uw hart. Hooglied VIII : 6. Merkt o Godlievende Ziele, hoe de allervriendelijkste Bruidegom'JEZUS CHRISTUS, gebenedijd in der eeuwigheid, zelve u dat gebod van hem lief te hebben voorschrijft, eu van u begeert dat gij altijd hem gedenken zult en nimmermeer zijn gedachtenis vergeten. Zoo vordert *) nu de Bruidegom door deze woorden de bewaring des herten, want het hert is een kist 2) der hemelsche schatten, waarin de genade, liefde, wijsheid en de Heilige Geest zelve uitgegoten wordt, en in woont. Maar dewijl daar niets onbestendiger als des menschen herte is, zoo heeft het een zeer groote bewaring van noode. Daarom spreekt de Bruidegom: zet mij als een zegel op uw hart, opdat ik het zelve beware met al hetgene dat gij daar in hebt, zoodat de vijanden met durven aanroeren hetgeen dat zij met zulken zegel bewaard zien. . , Daarom zet men een zegel op de dingen, opdat ze niet

met voordacht geroofd zouden worden. Zoo wordt nu des Bruidegoms zegel op het herte gezet, wanneer het geheimenis zijns geloofs in de bewaringe onzer gedachten ingedrukt wordt, opdat de ongetrouwe knecht, namelijk de Duivel, door verzoeking niet zoude durven indringen, wijl hij ziet dat het herte met het geloof verzegeld is.

Wij moeten den Bruidegom in 't herte dragen, en genoegzaam daarin graveeren, opdat wij met Paulus spreken kunnen' Want ik draag de litteekenen des Heer en Jezus in mijn lichaam. Gal. VI : 17, dat is: ik ben een lijfeigen knecht van Christus, een soldaat en zijn hertehjke liefhebber en daarom draag ik zijne litteekenen aan mijn lichaam aangebrand of ingegraven, opdat ik menigvuldig, inwendig en uitwendig wete, dat ik met het herte en werk

!) eisohen, verlangen.

2i schatkist.

Sluiten