Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij het naar-bed-gaan, tot Sigyn hem 't zei En hij verschrikt zijn dromerijk verliet.

In boom en struik klom jonger sap, en knop

Naast knop zwol aan de kale takken, t Veld

Kreeg madeliefjes, 't bos vieooltjes, lelies

Der dalen; de ooievaar kwam kleppend aan,

De zwaluw scheerde langs rievier en wei.

Het laatste spinfeest werd gehouden, heel

Het jonge dorp was daar en malle scherts

Werd buiten zelfs gehoord. Ze plaagden Bragi;

Lang wisten allen, hoe veranderd was

Z'n lied, hoe gloedvol 't klonk, hoe 't vochtig oog

Naar Gerda's plaats zag en met heter blik

Beloond werd; vaak werd hem gevraagd, of hij

Niet meer aan reinheid hield, doch als en straal

Van water in 'en felle brand verhoogde dit

Z'n warmte slechts, verdampte ras en liet

Geen spoor van 'en herinn'ring bij hem achter,

Maar de onbescheiden vrager kwam het duur

Te staan. Nu echter plaagden, sarden zij

Hem saam, tot hij van woede daarvandaan vloog

En zich niet weer vertoonde. Sinds vermeed

Hij ieder, doch des avonds dwaalde hij

In lauwer wordende atmosfeer dicht bij

De hut van Gerda rond. Die weifelde;

Sluiten