Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van ons, nu kan zijn papa hem nooit meer wegnemen ?"

Want voor haar kinderlijke voorstelling was de heer Ruijsdael, met zijn droefgeestig gelaat en stilzwijgende manieren, altijd als een schrikbeeld geweest, dat dreigde te komen tusschen George en haar: — wanneer hij, George, haar, half in gekheid, half in ernst, bedreigde: „Als ik volwassen ben ga ik weer bij papa wonen, natuurlijk." — En nu kon dat nooit gebeuren, want de heer Ruijsdael lag daar buiten op het dichtbesneeuwde kerkhof; maar George's verdriet gaf Hélène een gevoel van schuldige bewustheid, dat zij niet zoo bedroefd was als zij, om zijnentwil, had wenschen te zijn. — En dat ook biechtte zij dien avond, als een groote zonde die haar drukte, aan het trouwe moederhart. En mevrouw Rendell begreep haar en stelde haar gerust, zooals alleen een liefhebbende moeder dat kan haar kind.

Ja, in die schooljaren waren Hélène en George altijd goede vrienden geweest samen. Hij speelde, den baas over haar een klein beetje, maar het lag in haar zacht karakter toe te geven, opdat hij maar niet driftig zou worden. Want hij was zooveel ouder dan zij dat zij tegen hem opzag

Sluiten