Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mevrouw Rendell echter bemerkte dat alles in stilte; — en zij begroef zwijgend hare illusie van hun toekomstig één worden.

In haar vroolijk-kleurig zomerjaponnetje, op haar blond haar een wit matelot-hoedje, kwam Hélène Rendell vlug de kastanje-laan af, waaraan Kastanieënoord zijn naam ontleende. Aan haar arm hing het mandje; dat, vol en zwaar toen zij haar wandeling begon, nu leeg en licht was geworden, zooals gewoonlijk na volbrachte armenbezoeken.

Want Hélène had altijd veel gehouden van arme, zieke, of hulpbehoevende menschen. Dat lag zoo in haar zachte natuur, dat zij graag troostte en verpleegde. Het plan liefdezuster te worden was in haar gerijpt omdat zij zich zoo dikwijls onmachtig, onwetend voelde, wanneer zij helpend en handelend zou willen optreden. En zij verheugde er zich zoo op, dat zij nu een werkkring tegemoet ging, waarin zij zich in dit opzicht héél nuttig zou kunnen maken. Maar het moeten heengaan van haar prettig, gelukkig thuis was toch wèl hard. En al dacht George dan ook dat het haar niet schelen kon,

Sluiten