Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Het is toch heel lief van je hier bij mij te blijven Charles. — Ik voel wel dat jullie me allemaal zoo vervelend moet vinden met mijn verdriet."

„O Julie, hoe kan je zoo iets zeggen! — Je weet heel goed hoe zielsveel ik van je houd; — en dat ik in jou leven deel, net of het mijn eigen is. — Toe, huil nu niet langer zoo; ik vind het zoo vreeselijk naar, je zoo bedroefd te zien."

Charles gaf zich op dat oogenblik geen rekenschap van zijn eigen woorden. In zijn behoefte haar te troosten was hij welsprekender dan hij zelf wist. Hij begreep zijn eigen gedachtengang eerst later. En zij sloeg ook maar half acht op wat hij zeide. Maar dat zijn stem héél innig klonk, en er iets anders in zijn woorden was dan gewoonlijk, dat hoorde zij toch wel. Zij keek beschroomd dankbaar naar hem op, en stak zonder iets te antwoorden hem op nieuw de hand toe, met een heel weisprekenden blik in hare droevige oogen. — —

Op hetzelfde oogenblik vloog de deur open; Lous kwam binnen vliegen, — in hare opgewondenheid niet bemerkend hoe haastig Julie hare hand uit die van Charles terugtrok.

Sluiten