Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oogen dat hij daarin nog nooit had gezien, — het licht van hare groote, ontwaakte liefde, — die zij hem toonen mocht, — eindelijk.

„George, George!" riep zij, met tranen van vreugde in hare stem en zij knielde naast hem neer:

— „Is dat waar? — is dat werkelijk waar? — Dan is alles weer goed; — want ik zelf heb je zoo lief, al héél, héél lang.'' —

— Later, toen ze kalmer geworden waren, spraken ze er samen over hoe het alles zoo gekomen was, het geheele nu eindelijk opgeloste misverstand; — hoe George gemeend had dat hij Héléne een dienst bewees door zijn teruggetrokken, koele houding. Juist omdat hij nooit opgehouden had haar lief te hebben, vreesde hij voortdurend zich te zullen verraden wanneer zij meer vertrouwelijk met elkaar omgingen. En daardoor zou hij het haar dan onmogelijk hebben gemaakt, de taak te blijven vervullen die zij, tengevolge van de dood van haar vader, zoo moedig op zich genomen had. Haar eigen gedrag had hem hoe langer hoe meer in zijn overtuiging versterkt, dat zij nog steeds over hem dacht als vroeger, en voor een herhaling van zijn aanzoek daarom voortdurend vreesde.

— Hélène van haar kant bekende hem thans

Sluiten