Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De klinker van den in en 3" pers. enkv. praet. is -oe, d. i. ö :

(ic hi) gheboet, loec, oploec, ontploec, goet, vercoes, verloes, 3, 170, 15; vloech, 3, 65, 1; cloef, roec.

De klinker van den plur. praet. ind. en den praet. opt. is 0 :

gliebode, sloten, soghcn 1, 277, 13; verlore, soden 2, 37, 27, cloven, ghi verloert (subj.) 3, 131, 6.

Verleden deelwoorden : gheioden 1, 26, 19; verboden 1, 2i, 11; op gheloken 3, 56, 13; ontploken 1, 68, 14; ghesloten 1, 39, 25; besloten 1, 49, 16; op ghesopen 3, 232, 8; bedrogen 1, 131, 2+; gegoten

1, 33, 15; doergoten 1, 98, 15; overgoten 4, 115, 22; gheloghen 2, 118, 23; verloren 1, 156, 5; ghesoden

2, 37, 10; ghesopen 3, 232, 8; ghetoghen 2, 37, 10; opghevloeghen 1, 68, 4; ghevloen 4, 2, 5; ghevloten 1, 223, 5; ontvloten 4, 29, 17; verscoven (adj.) 5, 58, 19; vervorsen (met metath. uit vervrosen) 5, 87, 3.

Van clieven vinden we 3" p. sing. praes. ind. clevet (clevet + et) 6, 87, 3.

« Grammatischen wechsel » heeft men in : kiesen ; 3 p. mv. praet. ind. vercoren 4, 109» 'O» verl. dlw. vercoren 2, 8, 9.

verliesen \ 3 p. mv. praet. ind. si verloren i, 2^2,15, 3e p. sing. praet. opt. 2, 171, 17; verl. dlw. verloren

1, 156, 5-

tien : verl. dlw. ghetoghen 4, 6, 9.

Afwijking van dien « wechsel •» vinden we in : ic kose (praet. subj.) 5, 6, 11; verl. dlw. vercosen 3, 1, 6.

III. Klasse met dubbelen slotmedeklinker. Deze klasse bevat: a) de werkwoorden met gedekte liquida óf cht-, b) die met gedekte nasaal.

III. a. Hiertoe behooren :

Sluiten