Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tasie, abstinentie, passie, melodie, memorie, enz., enz.

nature, scrifture, ftgure, avonture, crone, caritate, fonteyne, feeste, beeste, enz., enz.

Overblijfsels der oude ö-vormen heeft men nog bij de vrouwelijke woorden met lange lettergreep in : stont, werf, wijl, wijs; vormen welke oorspronkelijk thuis hooren in den nom. enkv. (vgl. O'id. stunt, wil, wis; vlg. Kern. Litnb. Serm. § 145); deze vormen waren ook in andere naamvallen gedrongen :

dat. enkv. in corter stont 3, 107, 14; nevens : tote der morghenstonden 1, 261, 6;

acc. enkv. sulke stont 3, 64, 24; al sulc stond 3, 65, 1; sulc stont 3, 65, 3; nevens sulke stonde 3, 63, 4; dat. enkv. in gheenre wijs 3, 66, 2; in alre wijs 3, 87, 20; in deser ghevoeliker wijs 3, 92, 18; na eenre wijs

3, 98, 6; met alle der wijs 3, 115, 5; nevens: in der hoechster wisen 3, 78, 13; 16; van dier wisen 3, 92, 20.

Den oorspronkelijken vorm der <?-buiging hebben we in dat. enkv. in sijnre wise 3, 114, 10.

acc. enkv. anderwerf 1, 201, 12; 14; derdewerf 1, 270, 13; twewaerf 1, 37, 7; twewerf 1, 39, 22; sessewerf

1, 22, 16; zevenwerf 2, 101, 28; in deze laatste woorden is de geapocopeerde vorm dus ook in 't meerv. doorgedrongen; vgl. hierbij : twewerven, 1, 62, 10; driwerven 1, 270, 4; scven werven 2, 23, 19; menech werven

2, 6, 4; acc. enkv. dicwijl 3, 58, 10; nevens al die wile 2, 18, 18; somwile 3, 89, 1.

Apocope der -e heeft men in den nom. enkv. ver ; ver Eva, 2, 63, 13.

De gen. en dat. enkv. gaat uit op -en :

gen. enkv.: synre hulpen 3, 84, 13; der ghedachten

4, 51, 17; der naelden 4, 4, 5; synre sielen 3, 72, 7; der wraken 2, 113, 13; eenre yeghenliker letteren 3, 75, 19; onser overster redenen 1, 253, 22; deser stertelen 1, 241, 15; der leveren 1, 260, i§; luttel vresen 4,

Sluiten