Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Alle platen zijn lithographieën, behalve waar eene andere wijze van vervaardiging is aangewezen.

Bij alle platen, die niet in den handel zijn gebracht, is dit vermeld. Alle overige zijn uitgegeven.

De 8ste afdeeling bevat alle uitgegeven en onuitgegeven teekeningen, welke in mijn bezit zijn en mede tot den koop behooren, terwijl de schilderij: Vluchtende Hugenoten, zie bladz. 48, aan den kooper der hierna beschreven verzameling gratis gegeven wordt.

Wat de verdere teekeningen en schilderijen betreft, VEE HUELL heeft deze, vooral de eerste, in eene zóó groote menigte gemaakt en aan zóó vele vrienden en bekenden geschonken, dat aan de opsomming en nasporing daarvan niet te denken valt. Ten einde evenwel een althans eenigermate volledig overzicht der zeer groote werkzaamheid van VEE HUELL te geven en daarbij aan te wijzen waar deze werken thans berusten, voor zoo ver ik dit heb kunnen te weten komen, heb ik in de 1 Ode afdeeling, als aanhangsel, de mede door VEE HUELL zelf opgemaakte lijst der door hem vervaardigde schilderijen en onuitgegeven teekeningen, eveneens voorkomende achter het bovengenoemde deel ZE ZIJN EE!, waarbij de eigenaars door hem vermeld worden, met toestemming van den heer A. W. Sijthoff te Leiden, wien het auteursrecht zijner werken thans toebehoort, doen overdrukken. Deze lijst begint echter eerst met het jaar 1861, aangezien hij niet vroeger daarvan aanteekening begon te houden, en loopt tot 1886,

Het spreekt dus van zelf dat deze afdeeling, evenmin als de verzameling teekeningen, die voor de uitgave van den bundel JEUGD gediend hebben en welker tegenwoordige verblijfplaats men onder No. 1 vindt opgegeven, tot de te koop aangeboden nommers behoort.

Sedert het bekend geworden was dat ik mij met de samenstelling van dezen catalogus bezig hield, heb ik van verschillende kanten mededeeling ontvangen dat men in het bezit was van talrijke grootere en kleinere teekeningen, waarvan mij zelfs eenige ter inzage werden gezonden, en ook van enkele schilderijen. Wegens de geringe beteekenis van vele dier stukken ging het niet aan van alle zonder onderscheid in mijn catalogus gewag te maken, maar nog minder kwam het, dacht mij, te pas ze te gaan schiften en de eene wel en de andere niet op te nemen. In de voorgenoemde lijst zijner werken, die VEE HUELL blijkbaar met groote zorg, voordacht en overleg heeft bewerkt, wordt door hem alles vermeld, waarop hij de aandacht wilde vestigen, en al het andere buitengesloten. VER HUELL heeft dus zelf zijn eigen werk aan eene kritiek onderworpen en nu meende ik niet gerechtigd te zijn om mijnerzijds weder kritiek over de zijne te oefenen, door van de door hem weggelaten werken aan sommige eene plaats in mijn catalogus te geven en andere daarvoor af te keuren. Bovendien begrijpt men gemakkelijk dat ik mij daardoor eene groote ontevredenheid zou hebben op den hals gehaald van hen, wier

Sluiten