Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heid, welke grensde aan de vertrouwelijke toenadering van een goede vriendin; en Jeanne aanvaardde die vriendschap en gaf ze terug met een overgelukkige en eerbiedige bescheidenheid; voor haar madame Lourty had zij iets van de blinde en blakerende verknochtheid eener fanatieke familie-gedienstige.

Het kleinste voorwerp in het huis van madame Lourty had Jeanne lief met een bizondere, onbewuste teederheid. Als 't haar overkwam iets te breken, kampte zij tegen zichzelf, rustte niet vóór zij 't gelijksoortige in de plaats had gekocht, was eerst werkelijk getroost als het nieuwe nog iets mooier bleek te zijn dan het oude geweest was.

Monsieur Lourty respecteerde zij in haar doening en tot in haar gedachten als den man van Madame; zij verontschuldigde hem, vergaf hem, verdedigde hem, zooals Madame het deed; den nukkigen, door zijn vader verwenden Etienne hielp zij verwennen: 't was de zoon van Madame...

Een zoete, bijna pijnlijke gehechtheid had Jeanne aan het portret van Monsieur en Madame als bruid en bruidegom, dat in de slaapkamer hing; aan het salonhoekje waar Madame's canapé'tje en naaitafeltje waren; aan een kleedje, dat die zelve geborduurd had en aan den grooten, groenen kaketoe, die in een koepelvormige kooi op een rieten voet voor het eetkamerraam stond.

Over dien kaketoe gingen, iederen morgen weer aan, de stukjes kinderlijk gesprek, tusschen keuken en eetkamer gewisseld, zachtjes, om Monsieur niet te wekken, die nog sliep.

— „Heeft Coco je al goeie morgen gezegd, Jeanne ?"

— „Nee Madame... hij is lui... hij slaapt nog... net als Monsieur."

Een huis vol menschen. 5

Sluiten