Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hem op haar schouder. Daar, het zacht ademende lijf in haar halsholte, den fijnen helgroenen kop met den scherp gekromden snavel aan haar wang, dook hij weg, den omlaag gebogen staart in een ijlen waaier langs haar rug gespreid, en stijf zijn pooten gehaakt in het weefsel van haar blouse, om zijn evenwicht niet te verliezen bij de werkbewegingen, die zij maakte.

En met een plotseling wijd uitslaan van de puntige vleugels, zoodat het witgroene dons daaronder, aan de zijden, zichtbaar werd, vloog hij één slag op, nestelde zich boven op haar hoofd, als een wonder van smaragden kleur neergezegen in het blinkend zwart van haar zware haren.

— „Bonjour Charlotte... bonjour Charlotte..." noodde Jeanne, stil-verrukt voelend het wicht van den wankel-wiegenden vogel op haar roerloos gehouden hoofd; en het dier, vleugel-trillende om niet te vallen, den kop begravend in de diepte der dichte haarvacht, begon zotter en schorrer dan ooit zijn bang-gebroken en gesmoord „Bonjour Chalotte... bonjour Cha-lotte..." terug te roepen.

Dan, kinderlijk-vermaakt, lachten luid-op de twee vrouwen... maar dadelijk schrokken zij, wezen elkaar stil te zijn... Het vogelroepen scheen den slaper nooit te storen. Eerst als Etienne, treuzelig en druilend opgestaan, in een plotselingen ommekeer van zijn wonderlijk humeur, met groote haast en uitgelaten lawaai op den nipper was komen ontbijten, en met een druk heen en weer geloop voor 't bijeenzoeken der schoolboeken en kletsen van deuren was weggehold, kwam er leven in de slaapkamer, begon daar het sponsgeplens en kletterend druppelgestraal in zink: monsieur Lourty's waterkuur, waarvoor hij, op dokters-attest, pas om tien uur

Sluiten