Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij drukte op het ivoren belle-knopje naast de lichtgrijze portes-battantes in rococo-stijl...

In de deur-opening verscheen een pipsch dienstmeisje in 't zwart, met een witte schort voor en een wit mutsje op. Ze zou vragen of Madame thuis was. Madame Legüenne wou binnen gaan, doch het dienstmeisje sloot schichtig de deur voor haar neus dicht.

Weer wachtte zij op de vroolijke gang;... wat dat hier alles keurig was!... een fonkelnieuw huis... blank-arduinen portalen, dikke roode loopers met breede koperen roeien... Van hoeveel die appartementen hier wel zijn zouden!... Zulke vrouwen konden het toch maar doen...

In den grooten spiegel, rijzend uit een rand van geprepareerde kamerplanten, tusschen de twee appartements-deuren, bezag ze zich even... die groote blauwe voile was geen domme koop geweest... chic, en interessant... Zij had hier niet naar toe willen gaan als naar den député, in een zwart rokje en een zwart jacquetje, een beetje armoedig en toch fatsoenlijk... Zij had nu een witte zijden das voorgestrikt, haar zwarte veeren-boa omgehangen en dan, over haar breeden witten canotier, die blauwe voile... Melancholiek glimlachte zij zich in den spiegel toe... „Elle était trés bien," vond ze zelf.

Het slot zuchtte weer, en:

— ,,Madame kan niet ontvangen op 't oogenblik."

— ,,Maar ik moet Madame noodzakelijk spreken... het is voor de Régie... ik ben gisteren..."

Iemand van binnen uit zei iets, het meisje keek achterom...

— .,Of u mij maar even volgen wou," zei ze nu.

Madame Legüenne kwam in een zeshoekig en-

trée'tje, geheel wit-gelakt en glanzend-licht door de

Sluiten