Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vatoire en een ander pupilletje had een villa in de Rue du Luxembourg; die vroegen haar uit gewoiontevriendelijkheid zoo eens een keertje in de maand ten eten... Zij, met haar aanhankelijk-trouwen aard, had het onhartelijk gedacht te ver uit haar buurt te gaan, zoo had ze zich tot de Rue Barral bepaald. Maar toen ze eenmaal, in haar eigen meubeltjes, op haar eigen appartementje zat, zou ze voor niets ter wereld die woning voor een andere hebben verruild.

Zij was nog altijd verrukt over haar twee kamers, — geen zolderkamers, want het huis was aan den voorkant opgetrokken, wat inspringend de vijfde verdieping, zoodat daarvóór, langs de geheele breedte van den gevel, een ruim balcon liep —, verrukt over dat balcon, waar zij van 't vroege voorjaar af bezig was met zaaien en planten in potten en bakken, een onverdroten bedrijvigheid al den tijd, dat haar klein huishoudentje haar vrij liet. En met veel overleg moest zij te werk gaan, om het groen te krijgen en fleurig, want ze lag op het Noordwesten en had weinig zon; maar nooit werd ze moe met haar steksels en spruitsels te sleepen van binnen naar buiten en van buiten naar binnen, naar het portaal ook, om ze een uurtje in de' morgenzon te zetten... En vertrouwd en tevreden tusschen die met zooveel zorg gekweekte bloemetjes leefde zij daar; niet minder vertrouwd tusschen de lieve buren, rechts de jonggetrouwde Girauds met hun mooi kindje van drie jaar, m'sieur Jean, die handjes kwam geven tusschen de tralies van het buurhekje, als zijn moeder buiten te naaien zat, en links de twee modistetjes uit de Rue des Pyramides, twee brave meisjes, die ook dol van hun balconkamer hielden; een paar jaar geleden hadden zij haar plaats in

Sluiten