Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geld van Etienne, en voor de doktersrekening...!

Jeanne, die trouw naar links en rechts informeerde, kwam den volgenden morgen met een nieuw verhaal... Het meisje was werkelijk heel ziek; samen pasten die schilders haar op; en dokter Valency was er bijgeroepen... ze wist het van Julie, en dien morgen had ze 't hem zelf gevraagd: ja, het meisje was onder zijn behandeling geweest, 't was een goed schepsel, had hij gezegd...

De twee vrouwen zagen elkaar aan met een lange, weifelende vraging in haar blik.

— „Is zij nóg ziek?" vroeg madame Lourty

— ,,'k Geloof het wel," zei Jeanne.

Het vrouwtje had een lieve opwelling van meêlij, tusschen haar wrang gevoel door, van leelijk en klein te zijn geweest.

— „Bonjour Charr-lotte! bonjour Charr-lotte!" riep helder, met zijn welgeslaagdste sis- en rol-klanken, de papegaai, slank boven tegen de tralies der kooi aangedrukt.

— „Hij articuleert als een acteur van het Théatre franfais!" lachte zij erkentelijk tegen Jeanne, die dat niet recht begreep. Dan overlei zij, wat Jeanne gisteren had gezegd: „Madame moest eens kunnen praten met dat meisje."

En het werd haar op eens stil en droef en zacht te moede: er was zooveel leed in het leven, waar je niets aan veranderen kón... och, waarom waren de menschen maar niet wat beter gezind tegen elkaar... wat maakten zij toch nog willens zooveel moeite en verdriet.

— „Jeanne," zei ze, „ik ga eens naar dat meisje toe."

En toen, in den eenvoud harer kinderlijke harten,

verzonnen zij, dat het vrouwtje den papegaai in

Een huis vol menschen. 12

Sluiten