Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet thuis geweest, zei wonderlijk half-vermaakt de vrouw; waar hij uithing wist ze niet... enfin... ze had dan meteen haar rust in huis... een man bij je gaf toch maar last en moeite...

En ze trok haar preutsch-onschuldig gezicht van verlegen meisje, met in den schielijk-schuinen oogopslag iets van een oude cocotte.

— Ze moest maar veel versche boter er; eieren eten, ried de crémière, dat gaf pit en frisch vleesch. De mannen hielden wel van een magere vrouw, maar van een mollige waren ze ook niet vies... de hare zou 'r geen onsje minder willen, en er zaten wat pondjes biefstuk aan haar bouten...! Welbehaaglijk schurkte zij de breede, ronde schouders in het spannend zwart-katoenen lijf.

— „En de haan ?" vroeg ze dan op eens, terwijl met een wat opdringerige vertrouwelijkheid zij verder het raamkozijn kwam binnengeleund.

— „Ah!... oui!... Ie coq...!" zuchtte madame Legüenne. Haar oogen keken als in heimwee naar iets vaag-vers, dat tè heerlijk voor haar zou zijn.

Dan kwam ze rechtop in haar stoel zitten; een trek van groote begeerlijkheid trok om haar open, bleeken mond.

— „Oui!... oui!... Ie coq...!" zsei ze nog eens. Maar juist kwam Julie van mademoiselle Lefournier, haar smalle gezichtje rozig van stille opgeruimdheid, de loge binnen.

— Nou, je kon wel zien, meende dadelijk de melkvrouw, dat daarboven het hek van den dam was; een blouse met een lagen hals, 'r blioote hoofd... ze had het zich gemakkelijk gemaakt! Zoo zou zij zich ook niet durven vertoonen als Mademoiselle in de stad was!

Julie, dadelijk strakker, verdedigde zich: ze was

Sluiten