Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— „Kijk! kijk!" zei, lief, Jozette, toen zij met Aristide de voordeur uitkwam, „kijk die Bouboule!"

Zij voelde de goede bedoeling van Célestin om, ter eere van haar eersten uitgang, dat feestelijke hoedje op te zetten, en zij wou zeggen, dat het hem goed stond, belangstellend vragen, waax hij dat gekocht had, maar Aristide begon dadelijk, zachtuitbundig, te vertellen over zijn wedervaren van dien morgen.

„Oh!... ce Bibi... il pue le professeur allemand..." lachte Jozette geërgerd. Zij had nog van niets anders gehoord dien middag en wel blij over het mogelijke succes, voelde zij toch iets onbestemd afkeerigs voor Aristide's opwinding.

— „Je hadt moeten zien, hoe enthousiast hij was," vertelde die onder 't snelle voortgaan, „...hij vond het beter dan alles wat hij sinds jaren op de Salons zag... daar was alles „Palais de Versailles" of „art nouveau"... geen gevoel, geen bezieling... alles navolging... Verbeeld je, dat ik misschien een heele biljartzaal en een muzieksalon te decoreeren zal krijgen..."

— „Sapristi!" zei Célestin verbluft. „Jammer dat hij mijn teekening óok niet gezien heeft... je kon nooit weten, hè?... in zoo'n biljartzaal zijn ook ramen..."

Hij zei dat eigenlijk bij wijze van een grapje, en zonder eenige bijgedachte. Dan, opzij kijkend, zag hij dat Jozette plotseling gekleurd had en een verwijtenden blik op Aristide wierp...

— „Hééft hij niet gevraagd, om mijn teekening te zien?" vroeg hij, in een soort verwarring, omdat hij iets voelde buiten zich om tusschen de twee anderen.

— „Nee... hij heeft er niet naar gevraagd," zei Aristide ontwijkend.

Sluiten