Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der andere niet te kwetsen, begon ze te spreken over den godsdienst... de liefde tot God, die den mensch moet verootmoedigen, en het rijke loon, dat den rechtvaardige vroeg of laat gewordt.

»In vrede te leven met God en zijn geweten, dat is het grootste geluk op aarde," zei ze met een klemmende overtuiging,

Jozette werd altijd wat stil onder zulke uitspraken; die klonken haar zoo vreemd en ver en vaag-bekend, uit den tijd van haar elf, twaalf jaar, toen zij voor haar communie leerde bij den kapelaan van NotreDame-de-Clignancourt. „Ja... natuurlijk..." vond zij, met een ijle instemming, „natuurlijk..." De diepere bedoeling van mademoiselle Villetard ontging haar.

Toen, onverwachts, twee dagen eerder dan de afspraak was, kwamen de jongens Jozette overvallen: — Roubaix verveelde na een week, als je aan Parijs gewend was, en daar waren ze weer!

Jozette was als dronken van blijdschap... In mademoiselle Villetards open kamerdeur kuste zij Aristide op zijn oogen en zijn mond; zij was opgevlogen toen zij hun stemmen op de trap had gehoord!

— „Eindelijk! eindelijk! mijn schat!" zei ze hartstochtelijk.

— „Jozette!" waarschuwde bits mademoiselle Villetard van uit de slaapkamer, waar zij ijlings de wijk had genomen.

— „Ik kom dadelijk terug!" riep Jozette haastig van 't portaal, en zij trok Aristide mee naar hun kamertje.

Toen zij een uur later bij het oude vrouwtje zich wou gaan verontschuldigen, was die uitgegaan, tenminste, de kamerdeur zat op slot.

Sluiten