Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van in Januari," zei ze achterna, met een hooge kleur.

Henri Lourty maakte een gebaar, als om te verhinderen dat ze daarover verder ging.

— „Hoe denk je je leven in te richten met het kind ?" vroeg hij bezorgd. En als zij niet dadelijk antwoordde: „Je zult niet dadelijk iets vinden om in je onderhoud te voorzien... kun je rondkomen, den eersten tijd ?"

Zij knikte van ja.

— „Je moet zoo gauw mogelijk van dit appartement zien af te komen," ried hij.

Toen herinnerde het vrouwtje zich, dat dien eersten, vreeselijken middag Etienne met een briefje van de Carpentiers was boven gekomen.

Zij stond op, zocht. Het lag nog op het buffetplankje achter de glazen, waar het kind het had neergelegd.

Henri Lourty scheurde de enveloppe open, las het briefje; even werd hij bleek van verontwaardiging.

— „Nee, nee..." weerde hij zijn schoonzuster af, „de man schreef dit in de eerste drift, toen hij dacht, dat zijn vrouw letsel was aangedaan... lees het maar niet."

Dan keek hij het papier nog even in en stak het bij zich.

— „Je zult liever niet meer met die menschen in aanraking komen," zei hij; „ik zal tegen 15 April het appartement voor je opzeggen, Charlotte. Mocht die man beneden of de eigenaar het je daarover moeilijk maken, dan beroep je je op mij. Je zegt alleen: „wij houden ons aan het briefje, dat mijn broer, de advocaat in Orleans, onder zijn berusting heeft."

Dan vroeg hij nog eens: — „Kun je leven, de eerste weken, Charlotte ?"

Sluiten