Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een blaadje, waarop zij, in de dwarste, zoo mooi als zij kon, met slanke, aanzwellende letters „Aristide" geschreven had, en nog eens „Aristi", „Aristide" en een blaadje verder „Baroche" „Baroche" en op het zijdje van g September, in wilde hanepoten: „Reviens, Bibi, oh! reviens vite, je n'en peux plus, je 't aime, oh! je 'taime!" — Er was ook een krabbeltje van een mannen-profiel met een heel groot oog erin, en er stond een rijmpje onder:

„N'est-il pas joli,

Mon petit Bibi ?

N'est-il pas splendide,

Mon Aristide?"

En dan volgde er „sigaretten koopen (roze)"... die rookte Aristide gewoonlijk; — Aristide, altijd weer Aristide...

Célestin dacht aan hem, maar zonder bitterheid. Aristide had nu den wensch van zijn hart: hij woonde op een heusch atelier, tusschen een rij van andere ateliers, hij leefde nu met enkel artisten... hij ging met den nieuwen cursus naar de Beaux Arts over... in Roubaix hadden zij zich laten winnen voor zijn gewijzigde idealen, en hij zou zeker wel door zijn toelatings-examen komen... van kennissen wist hij, dat Aristide pas weer een bestelling had, ergens in de Avenue de Friedland, bij een vriendin van die Duitsche barones, en dat hij er over dacht eens te gaan exposeeren; Aristide zelf had hem er ook iets van gezegd, maar zonder dat hij er recht naar luisterde, de laatste maal, dat hij hem zag, — een toevallige ontmoeting op de Place de 1'Observatoire, die aanleiding was geweest, dat hij, in een plotselinge vervoering, dit oude kamertje van Jozette was gaan huren...

Sluiten