Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Jeanne, in haar keukentje, waar zij sinds weken tusschen den rommel van al het daar weggezette en weggehangene gerei, de stof nog had laten verdichten, zat een oogenblik met het open album in haar handen. Zij tuurde op het portret; ?acht streek zij met een vinger over dit lieve, toen nog zooveel jongere gezicht... zij zou het hebben willen kussen, als zij niet bang was geweest, dat de aanraking van haar lippen er den glans van zou bezoedelen... Voorzichtig veegde zij met haar schort den dunnen wasem weg, die haar heet ontroerde adem over het glimmend karton had gejaagd... Naar Boulogne gaan, 's Zondags, met Robert... dat bleef als een naïeve troost in haar naleven.

En plotseling, of zij 't nu pas gewaar werd, zag zij de drie regels geschreven schrift, onder het portret... wat stond daar? wat stond daar? Even poogde zij zich nog tevreden te stellen met een vaag het heerlijk vinden... Madame, die dat daar zelve ingezet had... Madame's schrift... Zij liefkoosde het met haar vingerstreeling.

Maar dan, als een kwelling zoo hevig, brandde in haar het verlangen te weten, wat daar stond, wat Madame daar voor haar neergeschreven had.

En in een alles vergeten voor dat ééne fel-gewilde, liep zij eensklaps met haar open albumpje naar het „magasin."

„Madame," zei ze, met een gespannenheid, die al haar schroom overwon, „ik kan het niet lezen... wat staat hier?"

Madame Dutoit keek verrast op. 't Was de eerste maal na vier jaren heimelijken strijd van betrappen en ontslippen, dat Jeanne zich gevangen gaf.

De vrouw in den kantoorlessenaar, met haar frisch blozend gezicht boven de rood-opschijnende

Sluiten