Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

altijd... ja... ja... die kwamen hem goed te pas...

Een glimmend-zwart paard, met weerbarstig getrappel, werd voor het venster ingetoomd... bezoek voor mademoiselle Lefournier... Carpentier kende het glimmend-zwart coupé'tje met het rood-engouden wapentje op het portier... De koetsier, strak van de bok gesprongen, met onder den glimmendzwarten cylinder dat hoog-ernstig, wit, geschoren gezicht, waarin de dunne gesloten mond, stond al vóór hem, vroeg dan kort, gebiedend:

— „Mademoiselle Lefournier est la?"

Carpentier kon dat eigenlijk niet goed hebben —

wanneer menschen als een sénateur zelfs vriendelijk konden zijn, wat drommel! — maar hij stond toch eerbiedig op, en zei welwillend, dat hij geloofde van wel... hij had Mademoiselle ten minste niet zien uitgaan...

Een dame in zwarte zijde, met een vol, frisch gezicht, een face-4-main aan een fijn goud kettinkje in de hand, en op het zware grijze kapsel een zwart-strooien steek met zilveren gespen en veel zwarte veeren, keek uit het open raampje, vroeg iets.

— „Oui, Madame, il le croit," zei de koetsier, die zich zonder een woord snel had omgedraaid, zeer zacht —: ,,est-ce que Madame préfère...?"

— „Non, non, Joseph, laissez..." kwam zij luchtig, terwijl de koetsier met een ingehouden ruk zeer stil het portier wijd geopend had, — en zij, de voorbaan van haar lila-laken kleed op-grijpend, ruischte vlug het trottoir over en de voordeur in, die reeds de koetsier ijlings had los-geduwd.

In een omme-zien gleed haar statig-zwierige silhouet voorbij de loge-deur...

Carpentier was in zijn humeur geraakt. Af en toe klonk de stamp van een paardehoef op het asphalt;

Sluiten