Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van den smaak, tot dien van hun stadswijk toe!

Bijblz. 417. „Sèvres-winkel" : winkel van de bekende Staatsporselein-fabriek te Sèvres, dicht bij Parijs. (De auteurs onderschrijven overigens — behoeven zij het nog te zeggen? — evenmin de artistieke bevindingen van meneer Herz als die van den Duitschen professeur).

„ „ 419* „Pavillon de Flore" : het zuid-westelijk eind-pavillon van het Louvre-paleis; een „pavillon" is een iets hooger opgetrokken gedeelte, met een afzonderlijk en hooger dak (soms koepelvormig).

„Palais Royal," schouwburgje in het zoo-genoemde paleis van den „Raad van State," waar ook groote winkel-galerijen, restaurants enz. toe behooren.

„ „ 420. „Samaritaine" : groot modemagazijn in den geest van de in Holland meer bekende huizen : Printemps, Louvre en Bon Marché.

„ „ 425. „Ie dernier soupir de Madame Humbert" de laatste zucht van Madame Humbert. Zie verder bij blz. 125.

„rigolo" : eigenl. pret. „Een" rigolo echter, is een lange slurf van papier, dié zich met een floep uitrolt als men er op blaast, dan weer ineenschiet.

„ „ 426. „tripes" enz.: zie bij blz. 98.

„gigot de mouton" enz." : schapenbout met heereboontjes.

„ „ 427. „Allons donc," enz. : „Ga-door, er zit niks in dan m'n dooie illusies; die wegen niet."

Le Bargy, acteur van het Théatre-Fran^ais, bekend als dandy en toon-aangever van heerenmodes.

„ „ 430. „Ma biche," schreef hij, „je verkoopt je meubels en daarvan betaal je je schulden. Houd je naaimachine en laat die inpakken bij Bailly. Aan het ministerie kun je een voorschot krijgen voor je uitrusting, maar takel je niet te veel toe, de vrouwen hier zijn meer van den landelijken kant. En kom met de boot, die den 3en April uit Havre vertrekt.

Sluiten