Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en Tibert den Kater toe en zeide: „Ongelukkigen, wat doet ge hier? Reinaart is nu heer en meester aan het hof en uiterst machtig. De Koning heeft hem al zijne misdaden kwijtgescholden, en gij zijt alle drie verraden."

„Ik denk, dat ge liegt, Mijnheer de Raaf," sprak Isegrim, en meteen ging hij met Bruin mee naar den Koning. Alleen Tibert de Kater bleef daar zeer vervaard staan.

Isegrim trad nu voor den Koning en vertelde zooveel kwaad van Reinaart, dat de Koning boos werd en Isegrim en Bruin liet gevangen nemen. Zij werden zóó stevig aan elkander vastgebonden, dat zij zich niet konden verroeren.

Reinaart wist gedaan te krijgen, dat men van den rug van Bruin een stuk vel afsneed, dat men hem voor een reiszak gaf, en dat een voet lang en een voet breed was. Nu zou Reinaart geheel voor de reis klaar geweest zijn, als hij nog maar vier schoenen had gehad.

Hoor nu, wat hij zal doen om die vier schoenen te krijgen.

Hij ging naar de Koningin toe en zeide: „Mevrouw de Koningin, ik ben nu een pelgrim. Mijn oom Isegrim heeft van voren twee stevige schoenen. Help mij, dat ik ze moge aantrekken! Ge moet ook de achterste pooten van mijne tante Hersinde laten ontschoeien en mij twee van hare schoenen geven.

Sluiten