Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Al heeft de Koning zelf gezworen en allen, die tot zijn hof behooren, toch word ik, als ik het verkies, nog boven hen allen verheven. Zij mogen zooveel raad geven, als zij willen, het hof kan toch niet buiten mij. Laat uwe bezorgdheid varen, lieve neef! Kom binnen en zie wat ik u voorzet, een paar jonge en vette duiven. Ik ken geen betere spijs, want zij zijn goed te verduwen. Men kan ze eten zonder te kauwen, en de beentjes smaken zoo lekker: het is half merg, half bloed. Ik eet graag lichten kost. Mijn vrouw Hermelijne zal ons wel goed ontvangen. Maar laat haar niets van onze zaken hooren: zij zou zich maar ongerust maken en van vrees in onmacht vallen. Morgen vroeg ga ik met u naar het hof, en ik zal mij wel weten te verantwoorden, als ik den Koning te spreken kan krijgen. Neef, zult ge mij ook bijstaan, zooals de eene vriend het den anderen doet?"

„Ja, lieve oom," hernam Grimbaard, „lijf en goed geef ik ter wille van u ten beste."

„Heb dank, neef, dat is goed gesproken. Mag ik in leven blijven, het zal u tot voordeel strekken."

„Oom, ge kunt gerust voor al die heeren komen om u te verantwoorden. Men zal u niet vangen of houden, zoolang als ge flink uw woord doet; want dat hebben de Koningin en de Luipaard van den Koning weten te verkrijgen."

„Dat doet mij genoegen," zei de Yos. „Nu ducht

Sluiten