Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Alleen is maar alleen.

Voordracht voor 20-, 30- of 40-jarige bruiloften.

(Wordt deze voordracht gebruikt op een 30- of 40jarige bruiloft, dan verandere men het woord 20 in 30 of 40).

Alleen is maar alleen, dat 's wis

En duidelijk meteen,

Want of men dun of lijvig is,

Alleen is toch alleen.

Van één man maakt men nimmer twee,

Want gaat men ergens heen,

En neemt men dan geen ander mee,

Dan blijft men ook alleen.

De mensch is er niet voor geschikt

Om als een heremiet Te leven; zoodat waar hij blikt,

Hij nooit een sterv'ling ziet.

Zoo dacht ook Bruidegom toen hij

Juist twintig jaar geleèn,

Met 't lieve Bruidje aan zijn zij In 't huw'lijk is getreên.

En dat het geen van beiden ooit

Een oogwenk heeft berouwd,

Wordt, nu ze in feestdosch zijn getooid

Hier klaar door elk aanschouwd. De vreugde ligt op hun gelaat,

En liefde straalt uit 't oog,

Want wat op aard verand'ren gaat, Hun liefde blijft steeds hoog.

Elk die nog ongehuwd is moet,

Ziet hij het paartje aan,

Wel met den allermeesten spoed, In 't huw'lijksbootje gaan.

Sluiten