Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK I.

EEN AVONDWANDELING.

Snijdend scherp blies de oostenwind door de straten van Amsterdam; de weinige menschen die nog buiten de deur waren — het was elf uur in den avond — spoedden zich

met verhaaste schreden huiswaarts, diep, zoo diep mogelijk in e kleeren gedoken; de kraag van jas of mantel zoo hoog als kon opgehaald; de handen veilig geborgen in de zakken. De enkele verlichte winkelramen schenen niet helder, want

2' „niVrkb+6Vrozen g|azen drong het schijnsel niet door; de politieagenten waren uit hun gewonen slenterpas in een

TeBi hier en daar ratelde een rijtuig over avond plave.sel; 't was een echte gure Januari-

aknfCli wfnde'de Iangs de Keizersgracht in alle bedaardheid, alsof de kou hem met deerde en het late uur geen reden was om spoed te maken, een heer kalm voort. Hij kon, naar gang en houding te rekenen, iemand van middelbaren leeftijd zijn, en had overigens niets dat de aandacht trok, dan de

ES- ™Tb°„h,J °ön lorvol|?de'n»w«~

Bij de Westermarkt gekomen sloeg hij links om, ginhet marktplein schuin over, stak in de brievenbus, die daar eenzaam tegen de Westerkerk leunt, een brief en ging toen den °P' D°ch nauwelijk8 eenige schreden van

1»" °°r ge'">lf*" t», di.

h.ÏÏ-vtem bell?or.de fan een knaaP van een jaar of tien, die tamelijk armoedig in de kleeren stak. Al wat van den jonden

en Z\lT' een.Paar 'ood-blauwgekloumde handen

en een bleek nogal morsig gelaat. De rest van zijn lichaam

kleoren bfdeÏt.6" Z°° * gi"g' met "^rblijfselen van

De wandelaar stond stil en, met een brommig trekje om

bare vranat'-an7W00rdde.hi:j-den j°ngen °P diens verstaanbare vraag: „Zeg je iets, jongen?"

„Och mijnheer, zoudt u wat sigaren van me willen koopen?"

Sluiten